De startupmarkt is selectiever geworden, maar goede technologiebedrijven blijven kapitaal aantrekken. In Nederland profiteren vooral teams die bouwen aan concrete infrastructuur: semiconductors, klimaatsoftware, medische technologie en automatisering.
Amsterdam blijft sterk in software en fintech, terwijl Eindhoven en Delft vaker worden genoemd bij hardware, engineering en onderzoeksgedreven bedrijven.
Waar investeerders tijdens de vorige groeigolf vooral keken naar snelle gebruikersgroei, is er nu meer aandacht voor marges, technische defensibility en echte klantwaarde. Startups moeten duidelijker laten zien waarom hun technologie moeilijk te kopiëren is.
Dat maakt deeptech aantrekkelijker, maar ook zwaarder. Hardwareontwikkeling, certificering en lange verkoopcycli vragen meer geduld dan klassieke SaaS. Tegelijkertijd kan de internationale waarde veel groter zijn wanneer de technologie eenmaal werkt.